Mijn eerste halve marathon

In het teken van de halve marathon van Amsterdam, die morgen plaatsvindt, publiceer ik vandaag mijn verslag van mijn eerste halve marathon. Deze liep ik op een zaterdagavond in juni. Ga je mee een stapje terug in de tijd?

Wat heb ik dit weekend gedaan? Helemaal niets, eigenlijk. Zaterdag zat ik buiten met een boek, en zondag heb ik mijn tijd verdeeld over de bank en mijn bed. Oh ja, en ik heb zaterdagavond een halve marathon gelopen.

Voorbereiding

Maanden heb ik me erop voorbereid, die halve marathon in Zwolle op 11 juni 2016. Ik begon met een schema voor de 15 kilometer, en langzaam ging dat over in een schema voor de halve marathon. Als tussenstap liep ik half april en half mei een tien mijl wedstrijd. Over het algemeen hield ik me keurig aan mijn schema, twee weken van tevoren was ik dan ook zo goed als klaar voor die 21,1 kilometer. Aan de trainer van mijn loopgroep heb ik om tips gevraagd, ik heb tientallen blogs gelezen met tips en ervaringen. Ongeveer anderhalve week voor dé dag ging ik de deur uit om 8 kilometer te lopen. Maar onderweg kreeg ik pijn, veel pijn. Ik had een dilemma: doorlopen en wachten tot de pijn weg zou gaan, of stoppen voordat ik het erger zou maken. Na 3 kilometer ben ik gestopt met rennen, om me om te draaien en terug te lopen. Misschien had ik het al wel eerder gevoeld, deze pijn in mijn lies, om het vervolgens ergens diep weg te stoppen. De volgende dag dreigde ik mijn trein te missen, dus ik trok een sprintje. Toen ik weer stilstond, kon ik wel huilen van de pijn. (Het was het niet eens waard, want ik miste mijn trein.)

halve-marathon-zwolle

Blessure

Goed, dit dreigt een groot zeurverhaal te worden, maar ik moest toch even het achtergrond verhaal erbij vertellen. Het is als volgt afgelopen: ik ben zaterdag, een week voor de halve marathon, naar mijn looptrainer gegaan om advies te vragen. Hij raadde me aan om naar een fysiotherapeut te gaan, dus zo geschiedde. Ik kreeg een aantal oefeningen voor mijn liesblessure, waarvan de oorzaak waarschijnlijk overbelasting is. De oefeningen deed ik trouw, de pijn in mijn lies was stabiel. Ik zou er gewoon voor gaan, die halve marathon ging ik lopen, koste wat het kost!

Op de dag zelf heb ik mijn bovenbeen laten intapen in de hoop dat dit nog zou helpen. Ik vind het eigenlijk ongelooflijk, dat drie stukjes tape de pijn zouden kunnen verlichten. (Het technische verhaal is dat het zorgt voor een betere bloeddoorstroming.) Ook al zou het misschien niet echt helpen, dan zou het me psychisch wel helpen, waren mijn gedachten. Vrijdag had ik ook al langzaamaan mijn spullen verzameld die ik nodig zou hebben. Nu had ik wel alles gedaan wat ik kon qua voorbereiding. Misschien zou ik hem niet uitlopen, maar ik zou ervoor gaan. Ik zie wel waar het schip strandt.

Aanloop en eerste ronde

Zaterdagavond vertrokken we, mijn ouders, zusje, nicht en haar ‘spandoek’ en ik. Bij het warmlopen schrok ik eigenlijk wel een beetje, ik had toch wel behoorlijk wat pijn. Het kwartier voor het startschot van een wedstrijd vind ik altijd vreselijk. Je staat allemaal al op een kluitje in het startvak, dom te wachten. Het lijkt wel een uur te duren op dat moment. Maar toen konden we! De eerste 2,5 km vond ik misschien wel het leukst van de hele wedstrijd. De supporters langs de kant, de muziek; ik kreeg er de kriebels van en kon de lach niet van mijn gezicht krijgen. Die eerste 2,5 km waren een aanloop naar het rondje dat we drie keer zouden lopen, dwars door het centrum van Zwolle.

Het was erg druk, op én langs het parcours. Te druk als je het mij vraagt. Constant liepen er anderen om je heen, was je bezig met uitwijken en opletten waar anderen liepen. Als je even opzij keek, zag je vooral publiek in plaats van omgeving. Ik had gedacht dat ik het heel leuk zou vinden om een wedstrijd in de stad te lopen, maar ik ben er achter gekomen dat ik kleinere wedstrijden, waarbij er ook stukken zijn waar je van je af kan kijken, vooruit kan kijken, van de natuur kan genieten (klink ik suf?) misschien meer mijn ding zijn. Tijdens deze eerste ronde werden we al ingehaald door de ‘echte wedstrijdlopers’ die bezig waren met hun tweede ronde. Best gevaarlijk vond ik dit. Eerst kwamen er fietsers aan die op een fluitje bliezen om de ‘langzame’ lopers te waarschuwen en om te zorgen dat we allemaal rechts gingen lopen. Iedereen liep dus ineens op een kluitje, er was weinig ruimte. Ik moest me ook inhouden qua tempo. Ik vond het daarentegen wel leuk en indrukwekkend om die snelle lopers te zien. Ze vlogen over het wegdek, twee keer zo snel als wij.

Tweede ronde

Ik was nog steeds aan het lopen, hardlopen welteverstaan. Ik had nog niet gewandeld, en hier was ook nog geen behoefte aan. Ik heb altijd struggles met drinken tijdens het lopen. Er klotst meer water over het bekertje dan er in mijn mond komt. Dat is echter nog niet eens zo erg, aan twee slokjes heb ik namelijk wel genoeg. Het vervelendste vind ik dat ik geen gecontroleerde slokken kan nemen. Ik krijg geen slokjes binnen, maar sloten vol, waardoor ik gelijk een vol gevoel heb. Ik moet nog even aan deze techniek werken.

Morgen vertel ik je over de laatste ronde en de finish. Ik ben niet zo goed in kort en bondig vertellen, dus ik splits mijn verslag op in twee delen, in de hoop dat ik op deze manier niet je aandacht verlies. Dus kom je morgen om 12 uur terug? Om je hiertoe te verleiden, verklap ik alvast dat ik tijdens het lopen wanhopige whatsappjes heb verstuurd naar mijn ouders, waardoor ze behoorlijk ongerust werden…

Advertenties

4 gedachtes over “Mijn eerste halve marathon

  1. Pingback: Mijn eerste halve marathon, deel 2 | Jardloopster

  2. Pingback: Een nieuw avontuur | Jardloopster

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s